onderwijsbeleid

onderzoek sociale veiligheid in lerarenopleidingen 2014

Om inzicht te krijgen in de wijze waarop aankomende leraren door pabo’s en tweedegraads lerarenopleidingen worden toegerust op het gebied van sociale veiligheid zijn door Stichting School en Veiligheid verkenningen uitgevoerd onder pabo’s en tweedegraads lerarenopleidingen.
Download hier het volledige rapport

  • Men deed een analyse van diverse materialen en methoden omtrent sociale veiligheid, pesten, seksualiteit en seksuele diversiteit. Hierbij zijn de kennis en vaardigheden geïnventariseerd die leraren nodig hebben.
  • Vervolgens zijn de generieke kennisbasis en de wettelijke bekwaamheidseisen bestudeerd. - Om een beeld te krijgen van hoe de pabo’s en lerarenopleidingen zichzelf beoordelen wat betreft de manier waarop zij studenten toerusten, is een online vragenlijst gestuurd naar de portefeuillehouders van de opleidingen.
  • Op basis van de ingevulde vragenlijsten hebben verdiepende interviews plaatsgevonden met de portefeuillehouders van de opleidingen.
  • Deze rapportages zijn besproken binnen LOBO en ADEF. Aanvullend op deze verkenningen hebben oriënterende gesprekken plaatsgevonden met een aantal (startende) leraren, begeleiders van startende leraren en schoolleiders. Deze oriëntatie vond plaats om een indruk te krijgen van hun praktijkervaring met de toerusting van startende leraren op het gebied van sociale veiligheid.

conclusies

Er zijn verschillen tussen de pabo’s en de tweedegraads lerarenopleidingen. Deze verschillen hebben wellicht te maken met het verschil in oriëntatie tussen de pabo’s en de tweedegraads lerarenopleidingen (groepsleerkracht of vakdocent).

  1. Wel elementen, geen structurele aanpak. Hoewel in de opleidingen veel onderdelen en elementen te vinden zijn die raakvlakken hebben met sociale veiligheid, pesten, seksualiteit en seksuele diversiteit, komen deze thema’s en de pedagogische kennis en kunde die hiermee verbonden zijn in veel opleidingen te oppervlakkig en niet structureel aan bod.
  2. Wel brede aandacht voor pedagogisch handelen, niet voor seksualiteit. Door de aandacht voor het pedagogisch klimaat en pedagogisch handelen in de opleidingen worden studenten in zekere mate toegerust op het gebied van sociale veiligheid in het algemeen en pesten in het bijzonder. Voor de toerusting van studenten op het gebied van seksualiteit en seksuele diversiteit is binnen de opleidingen weinig tot geen aandacht.
  3. Grote verschillend tussen opleidingen. Er zijn grote verschillen waar te nemen tussen de opleidingen in de manier waarop en de mate waarin studenten worden toegerust op het gebied van sociale veiligheid.
  4. Geen richtinggevend kader. De meeste opleidingen gebruiken geen eenduidig richtinggevend kader op basis waarvan de kennis en vaardigheden van studenten op het gebied van sociale veiligheid gemonitord en beoordeeld kunnen worden.
  5. Geen praktijkervaring. Studenten krijgen in de opleiding, en tijdens de stage daarbinnen, niet te maken met de dagelijkse praktijk op het gebied van sociale veiligheid, zoals die zich later in het werkende leven voordoet. Aandacht voor het ontwikkelen van vaardigheden ophet gebied van sociale veiligheid is zelden een vast onderdeel van de stages van studenten.

verzachtende argumenten

Stichting School en Veiligheid zet een aantal kanttekeningen bij de mogelijkheden van opleidingen om studenten toe te rusten op het gebied van sociale veiligheid. De volgende punten werden door betrokkenen veelvuldig genoemd:

  • De studenten zijn jong en nog erg bezig met hun eigen ontwikkeling. Ze zijn nog niet toe aan het ontwikkelen van vaardigheden op het gebied van pesten, seksualiteit en seksuele diversiteit.
  • Niet alle veiligheidsvaardigheden kunnen volledig ontwikkeld worden tijdens de opleiding. Een deel leer je pas in de praktijk.
  • Sociale veiligheid leeft niet echt in de onderwijspraktijk. De opleidingen signaleren geregeld dat stagescholen hun veiligheidsbeleid niet op orde hebben. In stages gaat de aandacht naar lesgeven, niet naar omgaan met pesten.

aanbevelingen

  1. Curriculum. Expliciteer de aandacht voor sociale veiligheid in het curriculum van de opleidingen. Om studenten voldoende toe te rusten op het gebied van sociale veiligheid in het algemeen en pesten, seksualiteit en seksuele diversiteit in het bijzonder zal door opleidingen de keuze gemaakt moeten worden om nadrukkelijk aandacht te besteden aan pesten, seksualiteit en seksuele diversiteit als onderdelen van sociale veiligheid. Verdere operationalisering van sociale veiligheid is nodig, zodat de opleidingen handvatten krijgen voor de toepassing hiervan in het eigen curriculum.
  2. Kennis en vaardigheden benoemen. Benoem over welke kennis startbekwame leraren moeten beschikken en welke vaardigheden startbekwame leraren moeten laten zien om voldoende toegerust te zijn op het terrein van sociale veiligheid in het algemeen en pesten, seksualiteit en seksuele diversiteit in het bijzonder. Er is daarvoor een landelijk kader nodig.
  3. Veiligheid aan de orde in stages. Maak gerichte aandacht voor sociale veiligheid, pesten, seksualiteit en seksuele diversiteit een vast onderdeel van de stages van studenten.

reactie lobo en adef

LOBO en ADEF zijn de overleggen van de directeuren van Pabo's en tweede graads lerarenopleidingen. In deze overleggen wordt het gezamenlijke beleid van de lerarenopleidingen bepaald. De leden van LOBO en ADEF herkennen zich in het beeld dat op basis van deze verkenning wordt geschetst. Zij stemmen in met de inhoud van de rapportages over de verkenningen onder de pabo’s en de tweedegraads lerarenopleidingen. Er is vanuit LOBO en ADEF behoefte aan een verdere operationalisering van sociale veiligheid in het onderwijs van de opleidingen, zodat de opleidingen handvatten krijgen voor de toepassing hiervan in het eigen curriculum.
LOBO en ADEF onderschrijven ook het belang om in de opleidingen voldoende aandacht te besteden aan sociale veiligheid. Ze willen echter geen overkoepelende afspraken maken; opleidingen moeten zelf de aandacht verwerken in het curriculum.
Daarbij zijn de volgende uitkomsten van het vervolgtraject afgesproken:

  1. Operationalisering van sociale veiligheid. Het begrip sociale veiligheid wordt door Stichting Sociale Veiligheid geoperationaliseerd in de vorm van een richtlijn. Deze richtlijn kunnen de opleidingen gebruiken voor hun eigen curriculum.
  2. Opzetten digitale kennisbank. Beschikbare kennis over sociale veiligheid, seksualiteit en seksuele diversiteit, en goede voorbeelden worden verzameld en beschikbaar gesteld via een digitale kennisbank.
  3. Inventarisatie toerusting zittende leraren. Er moet een post-hbo-traject traject ontwikkeld worden voor bijscholing van zittende leraren op het gebied van sociale veiligheid, zodat zij onder meer stagiaires goed kunnen begeleiden.

Download hier het volledige rapport