onderwijsbeleid

internationaal

Homoseksualiteit en het bespreekbaar maken, ligt nog zeer controversieel in veel landen. Bovendien is er nog geen meerderheid in de Verenigde Naties om grondrechten volledig te laten gelden voor homo, lesbische biseksuele en transgender mensen (gay, lesbian, bisexual and transgender: LGBT).
Wel is inmiddels duidelijk dat de AIDS-epidemie niet gestopt kan worden als het stigma rond homoseksualiteit niet wordt aangepakt. Hoe dat dan moet, blijft heel controversieel en daar is veel internationale discussie over. In het mensenrecht op onderwijs staat dat alle mensen recht hebben op adequate informatie en onderwijs. Maar veel landen willen niet dat er neutrale of positieve informatie over seksuele diversiteit, of zelf over seksualiteit wordt gegeven aan jongeren. De internationale discussie spitst zich steeds meer toe op de juiste invoering van seksuele vorming en of seksuele vorming een onderdeel is van het Recht op Onderwijs.

het recht op onderwijs

Het recht op onderwijs bestaat grofweg uit drie centrale rechten:

  1. bescherming tegen discriminatie voor onderwijspersoneel
  2. recht op toegang tot scholen voor leerlingen/studenten, inclusief de bescherming tegen uitsluiting
  3. beschikbaarheid van ondersteunende leerprogramma's

Lees meer over hoe het Recht op Onderwijs in de Yogyakarta Principles wordt uitgewerkt naar seksuele diversiteit.

internationale organisaties

Internationaal zijn er diverse organisaties die zich bezighouden met seksuele diversiteit en onderwijs. De belangrijkste zijn:

  • GALE, The Global Alliance for LGBT Education: netwerk van trainers en voorlichters. Lidmaatschap is gratis. GALE is een formele partner van UNESCO. EduDivers is de initiatiefnemer en oprichter van GALE.
  • Education International: de wereldkoepel van de onderwijsvakbonden. Werkt vooral aan de rechtpositie van onderwijspersoneel, maar zijdelings ook aan het stimuleren van integratie van seksuele diversiteit in veiligheidsbeleid van scholen en in curricula.
  • UNESCO: Verenigde Naties: ministeries van onderwijs. UNESCO werkte samen met UNAIDS aan Technical Guidelines for Sexual Education, waarin seksuele diversiteit integraal is opgenomen. De Richtlijnen zijn echter niet verplichtend. GALE werkt met UNRESCO samen aan een verbeterde implementatie van het onderdeel seksuele diversiteit van de Richtlijnen.
  • UNAIDS, Verenigde Naties: hout zich bezig met AIDS-bestrijding, waaronder seksuele vorming. UNAIDS stimuleert dat in nationale AIDS-bestrijdingsplannen vaker wordt meegenomen dat het stigma tegen homoseksualiteit bestreden moet worden.
  • Special Rapporteur on Education: Verenigde Naties, speciale adviseur over het Recht op Onderwijs. De Rapporteur Vernon Muñoz bepleitte in zijn rapport in 2010 dat seksuele vorming een integraal onderdeel van The Right to Education moest zijn, maar een groot blok van landen was tegen en de nieuwe Rapporteur Kishore Singh haalde bakzeil.
  • IPPF, the International Planned Parenthood Federation: koepel van family planning organisaties, in Nederland voorheen de Rutgers Stichting. Deze geven veel seksuele voorlichting in scholen. Per land verschilt hoe ze dat doen en in hoeverre zij seksuele diversiteit meenemen, maar IPPF stimuleert de lokale verenigingen dat wel te doen.
  • ILGA, International Lesbian, Gay, Bisexual, Transgender and Intersex Organisation: federatie van belangenorganisaties met regionale (Europa, Africa, Latijns Amerika, Azië en Noord-Amerika) afdelingen. De Europese tak is de best georganiseerde afdeling en is het meest bezig met Europese lobby voor het recht op onderwijs. In Europees niveau is wat homoseksualiteit betreft alleen het recht bescherming tegen discriminatie op de werkvloer verplicht voor alle lidstaten van de unie, het recht op onderwijs helaas nog niet.
  • IGLYO, International Lesbian, Gay, Bisexual and Transgender Youth Organisation: federatie van jongerenorganisaties. De meeste leden komen uit Europa. IGLYO bevordert vooral de jongerenparticipatie bij acceptatie van seksuele diversiteit in scholen.