nieuws

grote verschillen tussen homo- en heteroscholieren

26 juni 2017 - Vorige week kwamen de resultaten van het grote 5-jaarlijkse onderzoek “Seks onder je 25e” naar buiten, met als belangrijkste conclusie dat jongeren steeds later seks hebben. Wat niet zo duidelijk werd, was dat dit waarschijnlijk niet zo is voor homojongeren. Ook werd hier en daar (in homo- en onderwijsmedia) gerapporteerd dat de homotolerantie zou zijn toegenomen. Maar ook daar vallen wel kanttekeningen bij te plaatsen.

later seks

Rutgers en SOA Aids Nederland, de organisatoren van het “Seks onder 25e” onderzoek, brachten de resultaten van het onderzoek naar buiten met een persbericht waarin de nadruk lag op de conclusie dat “jongeren” op steeds latere leeftijd seks hebben. De leeftijd waarop 50% van de heterojongeren voor de eerste keer coïtus hebben is verschoven van gemiddeld 17, 1 naar 18,6 jaar. Ook milestones uit de heteroseksuele ontwikkeling, zoals tongzoenen, voelen en strelen, vingeren, aftrekken en orale seks vinden nu 1 tot 1,5 jaar later plaats dan 5 jaar geleden. waarom weet men niet. Onderzoekster Hanneke de Graaf veronderstelt dat het misschien komt omdat jongeren - net als volwassenen - meer online communiceren en daardoor minder echte IRL ( in real life ) sociale en seksuele contacten hebben.

Tijdens de presentatie van het onderzoek werden geen exacte vergelijkende gegevens gegeven, maar wel werd vermeld dat er grote verschillen zijn tussen homo- en heterojongeren. Zo heeft 44% van de 17 jarige homo- en biseksuele jongens al seks gehad via een dating app tegen 6% van de hetero’s en heeft 72% ervaring met het uitwisselen van naaktfoto’s (sexting) tegen 44% van de heterojongens. Dit doet vermoeden dat homo- en biseksuele jongens veel meer en eerder seks hebben dan heterojongeren. Als dat klopt, is het nieuws dus vooral weergegeven vanuit de heteronorm. En wellicht klopt de veronderstelling dat jongeren later seks hebben door een second life ook niet voor homo- en bi-jongeren.

ambigue signalen over homotolerantie

Vooral in de homomedia werd het sub-nieuwtje opgepikt dat de tolerantie naar homo’s zou zijn toegenomen. Dit nieuws is gebaseerd op de vondst dat het aantal jongeren dat moeite heeft met twee zoenende jongens is afgenomen van ongeveer de helft naar ongeveer een kwart.

Verderop in de samenvatting van het onderzoek staat echter een passage die de “toename van tolerantie” flink nuanceert. “Homo- en biseksuele jongens krijgen veelvuldig te maken met discriminatie en geweld. Twee van de vijf werd wel eens uitgescholden vanwege de seksuele voorkeur, een op de zes werd wel eens bedreigd en een op de negen is wel eens geschopt en geslagen. Lesbische en biseksuele meisjes krijgen hier minder mee te maken”. Dit zijn eerste cijfers. Nadere analyses zijn nog niet gedaan. Mogelijk worden de discriminatiegetallen nog hoger als de onderzoekers onderscheid maken tussen openlijke homo, bi en lesbische jongeren. Want als je nog in de kast zit, vermijdt je zulke agressie. Het is onduidelijk of deze aantallen een afname zijn ten opzichte van 2012.

homojongeren van de agenda

Vijf jaar geleden werden homo-, bi- en lesbische jongeren voor het eerst uitgebreider onderzocht in “Seks onder je 25e”. Toen bleek net als nu dat ze meer risico’s lopen op diverse gebieden, zoals een vaak onverwachte en soms niet goed verlopende eerste keer, meer misbruik in hun jeugd, meer ongewenste seksuele ervaringen, hogere risico’s op soa’s en meer negatieve sociale ervaringen op school. In dezelfde tijd waren er ook tal van nieuwsberichten over de hoge percentages zelfmoordpogingen en werd de anti-pestwet (Wet Veiligheid op school) aangenomen mede naar aanleiding van homogerelateerde zelfmoorden na pesten. Om al deze redenen benoemden Rutgers en SOA-Aids Nederland seksuele diversiteit toen als prioriteitsthema.

Bij de nieuwe prioriteitsstelling zijn nu maar liefst 6 themagroepen gekozen, maar ondanks dat de problematiek onder homo- en biseksuele jongeren nog lang niet blijkt te zijn opgelost, zijn ze nu niet als prioriteitsgroep geselecteerd. Dit is van belang, want het nieuwe Actieplan seksuele vorming zal op de prioriteitstelling en voorkeuren van lokale GGD-en worden gebaseerd.
Toen EduDivers tijdens de werkconferentie informeerde waarom LHBTI- jongeren geen prioriteitsgroep meer waren, gaf de hoofdonderzoekster Hanneke de Graaf als antwoord dat dit op grond van een “complexe afweging” was gedaan. Het lijkt onwaarschijnlijk dat de afweging op basis van problematiek, risico's of welzijn van LHBTI jongeren is gebaseerd.
Overigens is er ook in de anti-pestwet geen specifieke aandacht voor meer en minder getroffen groepen en wordt er momenteel veel geld gestoken in het dialogeren met onderwijsorganisaties om die aandacht toch alsnog “welwillend” in het beleid te krijgen. De huidige niet prioriteitsstelling door Rutgers en SOA Aids Nederland is daar geen bijdrage aan.

De nu bekende cijfers zijn slechts eerste resultaten. Het definitieve onderzoeksrapport komt pas eind dit jaar. In de tussentijd zal nog flink wat door geanalyseerd worden en discussie worden gevoerd over het Actieplan. Gelukkig wordt het Actieplan “Seks onder je 25e” in overleg met “het veld” vormgegeven. EduDivers heeft reeds geadviseerd over de vraagstelling en zal ook betrokken worden bij de gewenste analyses. Of dit ook nog tot een wijziging in prioriteitstelling kan leiden, zal moeten blijken.

Peter Dankmeijer