nieuws

helft utrechtse scholieren wil niet naast homo zitten

3 december 2015 - Uit de Utrechtse gezondheidsmonitor blijkt dat het daar moeilijk blijft om uit de kast te komen. Veel medeleerlingen willen niet met hen bevriend zijn of zelfs naast hen zitten. EduDivers vraagt zich af of de gemeente en de scholen voldoende samenwerken om de situatie echt te verbeteren.

schokkende cijfers

Met name in wijken als Kanaleneiland en Overvecht is de houding door Turkse en Marokkaanse jongeren tegenover klasgenoten met een homo- of biseksuele voorkeur sterk negatief.
De percentages in het rapport zijn schokkend. Eén op de vijf leerlingen denkt dat een homo-lesbische-biseksuele klasgenoot daarvoor uit kan komen. Dat is wel logisch als slechts één op de drie vmbo'ers een homo als vriend wil hebben. De helft wil in de pauze liever niet eens naast een homoseksuele klasgenoot zitten, en maakt hem duidelijk dat hij/zij van hem/haar af moet blijven. Onder jongens en bij Turkse en Marokkaanse tieners zijn deze percentages nog hoger. In het rapport zijn die cijfers echter niet apart gepresenteerd. (check of ik deze cijfers heb gekregen)
Het onderzoek werd gedaan door de afdeling Volksgezondheid van de Gemeente Utrecht onder scholieren in klas 2 en 4. Het onderzoek is gehouden onder bijna 4000 leerlingen op veertien scholen. Kinderen in klas 4 zijn milder dan in klas 2.

politiek geschrokken maar vindt huidige voorlichting genoeg

"Die cijfers zijn behoorlijk dramatisch. Dit is geen veilige omgeving", zegt raadslid Anne-Marijke Podt. "Sinds 2013 is voorlichting op scholen hierover verplicht. Je merkt dat scholen waar het het hardste nodig is, daar huiverig voor waren." Podt zei het onderwerp te agenderen in de gemeenteraad, maar vindt tegelijkertijd dat er genoeg beleid is om het probleem aan te pakken. Utrecht heeft een “regenboogagenda”; een actieplan om de zichtbaarheid, veiligheid en acceptatie van LHBT te vergroten. In dit actieplan is voorlichting een prioriteit. GroenLinks-raadslid Fred Dekkers vindt het een “stevig, maar onderkend probleem”. Hij roept scholen nog eens vrijblijvend op het onderwerp nog eens te agenderen. Het gemeentebestuur zelf ziet wel dat scholen in de wijken Overvecht, Noordwest en Zuidwest minder tolerant zijn ten opzichte van homoseksualiteit, maar haalt haar erkenning onderuit door eraan toe te voegen: "Uit het onderzoek kan niet de conclusie getrokken worden dat homoseksuele jongeren in deze wijken problemen hebben."

edudivers kritisch

Peter Dankmeijer, directeur van EduDivers, vindt de reacties van de gemeenteraadsleden lauw. "Zoals zoveel regenboogsteden, biedt Utrecht de scholen niet veel meer dan een aanbod van voorlichting door vrijwilligers en af en toe een gratis theaterstuk. Misschien staat het qua budget wel leuk en kan men zeggen: 'we doen wat'. Maar het is niet erg doordacht en de impact van een dergelijk beleid is marginaal. Inmiddels weten we al zoveel meer over wat werkt en hoe je scholen kunt meekrijgen. Het blijft mij een raadsel waarom gemeenten, zoals Utrecht, in hun beleid zo oppervlakkig blijven en niet echt leiderschap tonen. Begin er bijvoorbeeld eens mee om schooldirecteuren te vragen de 'GeenID Test' te laten invullen en daarover met de gemeente en goed begeleidde discussie te hebben. Deel als gemeente je zorg en betrek de leidinggevenden in een gezamenlijke aanpak. Dat is echt wat anders dan wat incidentele voorlichtingssteentjes in de vijver te mikken."

Bronnen:
http://m.telegraaf.nl/binnenland/article/24823694/homo-s-de-klos
Afdeling Volkgezondheid gemeente Utrecht, http://www.volksgezondheidsmonitor.nl/