nieuws

seksuele vormingsorganisaties pleiten voor seksuele weerbaarheid in kerndoelen

17 oktober 2011 - Een coalitie van 15 maatschappelijke organisaties die zich inzetten voor een gezonde seksuele vorming hebben een brief gestuurd aan minister Van Bijsterveldt. Zij pleiten ervoor de kerndoelen van het onderwijs te moderniseren door aandacht te geven aan seksuele weerbaarheid en seksuele diversiteit.

De coalitie wordt aangevoerd door Rutgers WPF; EduDivers is een van de ondertekenaars. De brief is ondertekend door directeur Dianda Veldman van Rutgers WPF - mede namens: CHOICE for youth and sexuality, EduDivers, MOVISIE, Partnership Aanpak seksueel geweld, Schorer, Soa Aids Nederland en Stichting PANN. Bij het Partnership zijn ondermeer aangesloten: GGZ Nederland, MOGroep Welzijn en Maatschappelijke Dienstverlening, MEE Nederland, Korrelatie, Slachtofferhulp Nederland, Nederlands Jeugdinstituut en het Trimbos Instituut.

moties pechtold

In de brief wijzen de organisaties op de in 2009 en 2011 aangenomen motie-Pechtold waarin gevraagd wordt de kerndoelen 38 voor het primair onderwijs en 43 voor het voortgezet te moderniseren waardoor in het primair en voortgezet onderwijs aandacht moet worden besteed aan seksuele diversiteit. Die moties zijn door de minister naast zich neerlegd omdat de regeringslijn is om scholen een zo groot mogelijke autonomie te geven bij de invulling van het onderwijs.

structurele aanpak

De organisaties wijzen erop dat de Gezondheidsnota verwijst naar de rol van het onderwijs om seksuele gezondheid en seksuele weerbaarheid te bevorderen: Voor een gezonde seksuele ontwikkeling van kinderen is aandacht voor seksuele weerbaarheid en acceptatie van seksuele diversiteit, homoseksualiteit en transgenders cruciaal, daarnaast zou er ook aandacht moeten zijn voor de positieve aspecten van seksualiteit en veilig vrijen. Educatie over seksualiteit en seksuele diversiteit kan bijdragen aan een veilig leerklimaat in het onderwijs.

De coalitie pleit voor een structurele aanpak en denkt dat bijstelling van de kerndoelen daaraan bijdraagt. Een leeromgeving waarin iedere leerling zichzelf kan zijn ongeacht haar of zijn seksuele voorkeur of genderidentiteit, biedt ruimte voor talentontwikkeling. De aanpassing in de kerndoelen is noodzakelijk gezien de pedagogische en educatieve taak van het onderwijs. Goed burgerschap wordt hiermee bevorderd. Een rol die niet alleen door ouders maar samen met de school gedragen kan worden. Alleen explicitering van de kerndoelen op het punt van seksualiteit en seksuele diversiteit biedt garanties voor een structurele aanpak.

machtstrijd over autonomie scholen

Opvallend is dat onderwijs organisaties pleiten voor een inbedding van seksuele diversiteit via het (verplichte) schoolveiligheidsplan, terwijl de kenniscentra voor seksuele vorming en de belangenorganisaties pleiten voor aanpassing van de kerndoelen. Dit laat zien dat de kennis- en belangenorganisaties weinig vertrouwen hebben in de welwillendheid en competenties van scholen om seksuele vorming, en met name aandacht voor seksuele diversiteit structureel te integreren.
Peter Dankmeijer, directeur van EduDivers, zegt hierover: “Het is jammer dat de thema’s seksuele vorming en seksuele diversiteit door deze steeds meer gepolariseerde discussie dreigen uit te lopen op een machtstrijd over wie mag bepalen wat scholen doen, in plaats van een inhoudeijke discussie over de wenselijkheid van aandacht voor seksualiteit. De brief van Rutgers WPF hebben we mede ondertekend omdat we die aandacht zeer wenselijk vinden. Achter de schermen werken we daarbij keihard aan het bij elkaar brengen van de partijen. Die aandacht moet er komen, linksom of rechtsom!”