geenid test

homobeleid op school, wat is dat?

Op scholen is steeds meer te doen over homo-emancipatiebeleid. Wat is dat eigenlijk? Wat doe je dan méér dan normaal aan veiligheid? Met een simpel lijstje concrete tips en methoden komt u niet ver.
Hierna volgen korte antwoorden op vier vragen:

  1. Wat is discriminatie?
  2. Hoe speelt discriminatie op school?
  3. Welke acties hebben effect?
  4. Wat moet ik nu eerst doen?

wat is homodiscriminatie?

Homodiscriminatie staat niet op zichzelf. Het is een onderdeel van algemene beeldvorming hoe relaties en seksualiteit idealiter in elkaar zitten - de "heteronormativiteit". Als mensen te maken krijgen met een afwijking van de norm reageren ze van nature met een emotionele afweer. Negatieve emoties die bevestigd worden, zetten zich vast in een meer algemene negatieve houding. Een negatieve houding leidt tot negatief gedrag, zoals gebrek aan discriminatie en geweld, maar vooral in minder opvallend gedrag zoals sociale afstand houden en het ontzeggen van steun. Niet harde openlijke discriminatie, maar de vrees om door iedereen in de steek gelaten te worden, is de belangrijkste reden waarom homojongeren vijf maal zoveel als heterojongeren zelfmoord plegen. Een grote sociale afstand leidt automatisch tot stereotype beeldvorming, wat op zijn beurt weer de indruk wekt dat homoseksuelen afwijken van de norm. Een vicieuze spiraal van uitsluiting en discriminatie blijft zo in beweging. Als een school dit proces wil stoppen of vertragen, is gerichte actie nodig.

hoe speelt discriminatie op school?

Gemiddeld is 34% van de middelbare scholieren homovijandig, 33% twijfelt en 33% heeft geen moeite met homo's. De homofobe leerlingen zijn echter het meest luidruchtig vanwege hun sterke negatieve emoties. Zij zetten de toon in uw school en nemen de twijfelaars op sleeptouw. Zo ontstaat een meerderheid van 67% van de leerlingen die schijnbaar tegen homo's is. Omdat jongeren vaak nog onzeker zijn over hun identiteit, imiteren ze vaak populair gedrag. Zo kan het zijn dat zelfs de positieve leerlingen meegaan in een negatieve sfeer. In het basisonderwijs is nog duidelijker dat de leerlingen vaak hun mening sterk laten afhangen van hun ouders of medeleerlingen.
Het is de taak van de school om ervoor te zorgen dat de gevolgen van deze onvermijdelijke sociale mechanismen geminimaliseerd worden door een veilige sfeer te creëren en ervoor te zorgen dat alle leerlingen de ruimte krijgen zichzelf te zijn. De rol van de schoolleiding is essentieel om een proces van verbetering op gang te brengen en te bewaken dat de sfeer verankerd wordt.

welke actie leidt tot echt effect?

  1. De belangrijkste maatregel om een veilige sfeer te creëren op school is het elk jaar met de leerlingen, meteen aan het begin van het schooljaar, maken van afspraken over omgangsvormen. Het gaat dan niet over 20 detailregels, maar om maximaal 4 hoofdregels. Het is belangrijk dat dit in samenwerking met de leerlingen wordt vastgesteld, zodat leerlingen ook mede-eigenaar worden van de manier waarop uw op school met elkaar omgaat.
  2. Vervolgens is het belangrijk dat alle docenten en andere medewerkers samen met leerlingen consequent aandacht blijven besteden aan de naleving van de gemeenschappelijke regels.
  3. Bij "homobeleid" wordt vaak allereerst gedacht aan voorlichting. Bedenk dan dat voorlichting over houding en gedrag pas effectief wordt na circa 60 uur investering. Losse voorlichtingen (over bijvoorbeeld homoseksualiteit) leveren daarom alleen een bijdrage aan een merkbare impact op school als zij worden ingebed in een breder pakket van lessen én informele aandacht tussendoor. Daarom is een doorlopende leerlijn over burgerschap en relaties en samenwerking daarbij in het team een belangrijke voorwaarde om lessen over omgangsvormen echt effect te laten hebben.
  4. Dit alles vereist natuurlijk een heldere visie van de school die door het hele team en uiteindelijk ook door de leerlingen gedragen wordt.
  5. Leerlingenzorg en sensitieve aandacht voor homofobe leerlingen (die vaak zelf homovijandig of agressief zijn door hun eigen angst om afgewezen te worden) zijn erg belangrijke voor de individuele ontwikkeling en weerbaarheid van leerlingen, maar dragen elk op zich vaak weinig bij aan de schoolklimaat als geheel.
  6. Leerlingenparticipatie in bijvoorbeeld de vorm van een Gay/Straight Alliance (GSA's) kan helpen op drie manieren: (1) het kan een contactpunt zijn voor lesbische, homo, biseksuele en transgender (LHBT) leerlingen die rolmodellen zoeken, (2) een actieve GSA kan op school zichtbaar maken dat er ook LHBT zijn en dat die niet op afstand gehouden willen worden, en (3) een ervaren GSA kan de school stimuleren of helpen om het beleid beter in te vullen. Een GSA functioneert het best als de school (leiding) deze taken erkent en gericht ondersteunt.

wat moet ik nu eerst doen?

Niet iedereen op school is zomaar overtuigd van de noodzaak en zinvolheid van aandacht voor seksuele diversiteit. De taak van de schoolleiding is om het draagvla geleidelijk aan te vergroten en in dat proces medewerkers en leerlingen te inspireren zelf dingen te gaan ondernemen. EduDivers en de landelijke Onderwijsalliantie voor Seksuele Diversiteit hebben de MijnID campagne opgezet om MijnID ambassadeurs te helpen dit proces van draagvlakverbreding te bevorderen.
U kunt beginnen door de GeenID Test in te vullen en de resultaten met een klein groepje potentiële medestanders te bespreken. De adviezen die de test geeft, geven u hopelijk een globaal zicht op uw situatie en op mogelijke vervolgstappen.